Kunst en kruidenieren
November 21st, 2007 CFHMKGrafisch vormgever Anthon Beeke heeft recentelijk met succes de verspreiding van een boek verhinderd waarop uit naakte meisjes gevormde letters stonden. Die letters leken op letters die Beeke in 1969 had gemaakt. Hij heeft bovendien van de uitgever, Louis Vuitton, een onbekend bedrag aan schadevergoeding ontvangen.
Het was zelfs wereldnieuws, zo leek het wel. Bovenaan de voorpagina van de Volskrant stond het: ‘De grafisch vormgever Anthon Beeke heeft Louis Vuitton op de knieën gekregen.’ Smullen dus; hier lijkt immers sprake te zijn van de klassieke ‘gerechtigheid’, verkregen door een ‘kleine man’ ten koste van de ‘vuige kapitalisten’.
Maar klopt dat beeld eigenlijk wel? Volgens mij kan dit kwestietje, zeker vanaf een iets grotere afstand bekeken, ook een paar andere dingen betekenen. Inderdaad, Beecroft, degene die het plagiaat pleegde en Luis Vuitton, die het plagiaat uitbuitte, hebben schuld erkend en schadevergoeding betaald. Het zij de, op zijn minst relatief, ongetwijfeld minder bedeelde Beeke overigens van harte gegund.
Ik ben geen jurist maar de term ‘oneerlijke concurrentie’ heb ik onthouden. Was hier sprake van oneerlijke concurrentie? Ik meen van niet. Beeke verklaart zelf op zijn website dat hij zijn alfabet wel eens een enkele keer ter beschikking gesteld heeft, “met name indien het gebruik een niet-commercieel karakter had.” Dus Beeke wilde helemaal geen geld verdienen aan zijn alfabet. Hij had het ook geheel in die geest vervaardigd, in 1969, één van die roemruchtige roerige jaren van anti-establishment-opstandigheid.
Beeke nam nooit de moeite zijn blote letters als lettertype uit te brengen zodat anderen daar – tegen betaling uiteraard – gebruik van konden maken. Zelf heeft hij ze hooguit een heel enkele keer toegepast. Het was eigenlijk meer een geintje geweest, een provo-achtige jongensstreek. En zoals dat gaat bij kwajongensstreken: meer dan een enkel hoofdgeschud, kaakblosje, tut-tut en gniffel heeft Beekes bloot niet opgeleverd.
Op een ander niveau was Beekes blote alfabet een briljant antwoord op de radicaal rationele – en volgens sommigen onmenselijke – ontwikkeling van de vormgeving van die tijd. Als voorbeeld daarvan kan Wim Crouwels ‘New Alphabet’ dienen, dat voor mensen vrijwel onleesbaar was, voor computers des te beter. Beeke werkte overigens later een tijdje bij Crouwels Total Design, dus zo principieel werd die controversiële soep ook weer niet gegeten.
Dan komt de vraag naar het plagiaat, het echte ‘jatten’. Mevrouw Beecroft heeft Beekes alfabet nageaapt, maar niet zo precies als Beeke suggereert. De modellen dragen mutsen en op sommige plaatsen is de compositie beslist anders dan bij Beeke, die zijn letters met meer gratie, liefde en oog voor het typografisch detail samenstelde. Maar belangrijker hier, opnieuw van een afstandje bekeken, is misschien wel het jatwerk van Beeke zelf. Of eigenlijk de vraag wat precies dat jatten inhoudt. Ik ken een alfabet bestaande uit menselijke figuren, dat in 1398 (!) door Giovannino de’ Grassi werd geschilderd. Door de eeuwen heen zijn daar op tal van manieren variaties op verzonnen. Is dat nu allemaal jatwerk? In sommige gevallen wel, maar in andere gevallen zijn het citaten, ontwikkelingen, uitwerkingen van een bepaalde grondgedachte, zoals dat in kunst en wetenschap gaat.
Maar Beecroft en Louis Vuitton hebben toch erkend dat er gejat is? Klopt, maar dat komt alleen doordat Beecroft haar huiswerk niet heeft gedaan. Ze had gemakkelijk nog veel meer voorbeelden kunnen vinden van wat Beeke in 1969 ook eens deed. En ja, het is terecht dat ze voor dergelijke gemakzucht billekoek krijgt.
Maar dat Beeke de uitgave verhinderde en een schadevergoeding eiste vind ik een zielig zwaktebod. Welke schade heeft Beeke hierdoor geleden? Is dit vergelijkbaar met het op de markt brengen van valse Louis-Vuitton-tassen, zoals Beeke zelf suggereert? In genen dele, Beekes commercieel belang bij zijn blote alfabet was nul, zo geeft hij zelf ook toe. Ik ben geen bewonderaar van Louis Vuitton en van Vanessa Beecroft heb ik nog nooit gehoord, maar dat die zo gis waren om letters van naakte meisjes op tassen of boeken af te drukken, dwingt bij mij meer respect af dan de actie van Beeke om dat weer tegen te houden en daar, bijna veertig jaar na dato, toch nog een slaatje uit te willen slaan. De ontwikkeling van het door Beeke zelf doorgegeven gedachtengoed is daarmee bezoedeld en bruut afgekapt. Nooit zullen we de pastiche van de jonge kunstenaar kennen die het naaktenalfabet op de Louis-Vuitton-tas tot het uitgangspunt maakt van een schrijnende kritiek op de geseksualiseerde consumptiemaatschappij. Met dank aan ehemalig dadaïst en provo Anthon Beeke, behalve begenadigd kunstenaar ook kleingeestig kruidenier.
En dit brengt me, aan het slot van mijn beschouwing over dit verder vermakelijke voorval, op een helaas wat sombere slotnoot. Beekes actie staat symbool voor de meelijwekkende staat van de Nederlandse grafische vormgeving. Die was van de jaren zestig tot en met tachtig van de vorige eeuw internationaal onovertroffen. Zowel Anthon Beeke als de eerder genoemde Wim Crouwel leverden met hun alfabetten bijdragen aan een belangwekkende maatschappelijke discussie. Ze voerden een felle pennestrijd over de inrichting van een menselijke samenleving en de rol van de vormgeving daarin. Helaas lijkt die passie voor het eigen vak en de wereld eromheen geheel vervlogen en regeert het benepen eigenbelang van de burgerman die zich als slachtoffer van de rijken gedraagt.
En het ooit zo recalcitrante enfant terrible Beeke lijkt een narrig oud baasje dat zich op zijn slappe piemel laat trappen om vervolgens schande te roepen.